Het ballet van de modehoofdsteden is officieel hervat. Van februari tot maart volgt de Big Four elkaar in hoog tempo op en krijgt het silhouetverhaal van komende winter al vorm. Terwijl Parijs zich opmaakt om vanaf 3 maart zijn vrouwencollecties te onthullen, loont het om eerst halt te houden in Londen, alvorens zich onder te dompelen in de Parijse tricolore intensiteit. Want voorbij de silhouetten die de afgelopen weken de streetstyle domineerden, verdient vooral het bredere creatieve ecosysteem onze aandacht. De Britse hoofdstad, die periodiek wordt afgeschreven als verzwakt, bewijst dat zij nog lang niet is uitgespeeld.
Een jonge garde die de toon zet
Volgens sommigen is Londen uitgeblust. Te economisch fragiel sinds de Brexit, te gemarginaliseerd tegenover de Milanese en Parijse mastodonten. En toch voel je, zowel op de catwalks als in de discrete salons waar presentaties zich ontvouwen, een nieuw elan. Het komt van een generatie die niet wacht tot men haar ruimte gunt.
De lijst met namen die de lijnen verleggen, groeit seizoen na seizoen. Conner Ives, Simone Rocha, inmiddels stevig verankerd maar dit seizoen goed voor een eerste samenwerking met adidas, het duo Chopova Lowena, Lucila Safdie en Jawara Alleyne.



Alleyne, wiens creaties reeds worden gedragen door Tyla en Rihanna, koos dit seizoen voor de intimiteit van een presentatie die haast als een tentoonstelling was opgevat. Een zorgvuldig geconstrueerd format dat zijn fascinatie voor materiaal en textuur onderstreept, niet enkel voor het kledingstuk zelf. Bij Chopova Lowena worden meervoudige invloeden samengebracht, ergens tussen regency core en een ochtend op een feilloos gemanicuurde green. De geplooide rokken, signatuur van het duo, blijven prominent aanwezig. Achter het uitgesproken design schuilt echter een fundamenteel circulaire benadering, met hergebruik van stukken uit eerdere collecties.

Lucila Safdie vertrekt vanuit het idee van gemeenschap. De Argentijnse ontwerpster ontwikkelt haar collectie samen met haar naasten en vervaagt zo de grens tussen intieme kring en publieke ruimte. In een statig salon met achttiende eeuwse accenten kruisen vierkante halslijnen van ingetogen jurken hedendaagse transparanties. Een geraffineerde spanningsboog die haar stevig verankert in de voorhoede van het Londense modelandschap.


Conner Ives, de in Londen gevestigde Amerikaanse ontwerper, opende zijn show met Tish Weinstock. Een gemengde casting waarin elk model als autonoom personage naar voren treedt. De collectie voert ons een eeuw terug, naar een Duitsland in volle transformatie. Tussen de lijnen door ontvouwt zich een parallel met het hedendaagse Amerika, het land waaruit Ives afkomstig is. Een subtiele manier om te bekritiseren, maar vooral om de geladen energie van een rijke en onrustige kanteltijd te vangen, op het snijvlak van meerdere werelden. In zijn eigen woorden: “Glamour to subdue the dread.” Verheffen om de angst te temperen. We onthouden de rond de heupen geknoopte sjaals, de vloeiende silhouetten, die berekende nonchalance, en de florale en ornithologische borduursels die de tijd lijken stil te zetten.
Als laureaat van het BFC Vogue Designer Fashion Fund in 2025 herinnert Ives ook aan een meer structurele realiteit: middelen. Zo’n prijs winnen betekent een team consolideren, een merk structureren, verder denken dan het volgende seizoen. In Londen, misschien meer dan elders, blijft de financiering van jonge labels een cruciale kwestie. Talent alleen volstaat niet; het heeft een ecosysteem nodig dat het structureel kan dragen.
Londen als creatieve matrix?
Wat Londen werkelijk onderscheidt, is niet haar commerciële slagkracht, maar haar vermogen om beweging te genereren. Elk seizoen trekken de eindcollecties van studenten van Central Saint Martins de aandacht, ver voorbij de grenzen van het Verenigd Koninkrijk. De eindexamenshow fungeert als seismograaf van wat komen gaat: radicale silhouetten, textiele experimenten en persoonlijke narratieven kondigen er de debatten van morgen aan.
Daarnaast begeleidt de incubator Fashion East, opgericht door Lulu Kennedy, gedurende drie seizoenen jonge ontwerpers. Dit seizoen profiteren Jacek Gleba, Mayhew en Nuba van dit platform. Meer dan een springplank fungeert Fashion East als omkaderende structuur én als creatieve bemiddelaar die samenwerkingen met gevestigde merken faciliteert.



Uit deze begeleiding kwamen inmiddels onmisbare namen voort: Jonathan Anderson, Grace Wales Bonner, Kim Jones en Martine Rose. Sinds 2000 treedt Lulu Kennedy op als een beschermende figuur, waakzaam dat Londense creativiteit niet wordt opgeslokt door loutere marktlogica.
De London Fashion Week streeft er niet per se naar om te concurreren in volume of cijfers. Wat zij cultiveert, is geen schaal maar visie: een voorliefde voor experiment, tolerantie voor imperfectie en het vermogen om erfgoed en breuklijnen naast elkaar te laten bestaan. In een modelandschap dat niet altijd even stralend oogt, blijft de Britse hoofdstad een onmisbaar laboratorium voor wat mode morgen kan zijn. Zolang jonge ontwerpers er ruimte vinden om te testen, te bevragen en te vernieuwen, blijft zij onmiskenbaar levend.
Artikel door Julie Boone.








